Inloggen

Geschiedenis

Het schrijven van een historisch overzicht van de JFV is geen eenvoudige taak. Dit is vooral te wijten aan het feit dat de documentatie uiterst miniem is. Zo bestaat bijvoorbeeld de hele administratie over de jaren 1927 tot en met 1950 uit een enkele (halflege) ordner. Nog droeviger is het gesteld met de jaren ’50 en ’60. Hierover bleek in 1987 na lang en intensief speurwerk niets terug te vinden. Toch heeft in datzelfde lustrumjaar de toenmalige voorzitter Werner Stemker een geslaagde poging gedaan een historisch overzicht te concipiëren.

De jaren ’27 – ‘52
In de huidige statuten van de JFV wordt als oprichtingsdatum 27 februari 1927 genoemd, maar niet geheel duidelijk is waarop dat is gebaseerd.
Ergens in 1926/1927 moet een aantal studenten van onze faculteit op het idee zijn gekomen zich te gaan verenigen onder de naam Juridische Faculteit der Nijmeegse studenten, welke club na de oprichting van het Nijmeegse Studenten Corps Carolus Magnus een jaar later, daarvan deel is gaan uitmaken als onderafdeling onder de naam Juridische Faculteit van het N.S.C. Carolus Magnus. Het huwelijk tussen de JFV en Carolus duurde van 1931 tot waarschijnlijk 1964, waarna men na enige knallende ruzies uit elkaar ging en de relatie tot het midden van de jaren ’80 veel te wensen overliet.
Men was als rechtenstudent verplicht lid van Carolus. Tevens werd men door dit lidmaatschap automatisch lid van de JFV en de Corps-bijdrage werd gelijk met het collegegeld geïnd. Dit leek een slimme zet van de JFV, maar helaas was de Universiteit niet zo gek te krijgen dat zij ook de lidmaatschapsgelden centraal en automatisch voor de JFV ging innen, waardoor het aantal betalende leden ver achterbleef bij het aantal ‘echte’ leden.
Bij de eerstejaars was de JFV in ieder geval helemaal niet in trek. Dit was te wijten aan het feit dat zij, als adspirant-leden van de JFV, uitgesloten waren van het actief en passief kiesrecht. Zij werden zelfs, blijkens sommige jaarverslagen, ook op de ALV geweerd.
Uit de statuten van de JFV en uit de praktijk blijkt dat de JFV in die tijd globaal twee taken had. Allereerst was het de spreekbuis naar hoogleraren toe van de ideeën, gevoelens en verlangens van studenten, met name op het gebied van de inhoud van colleges en tentamens. Daarnaast had zij als taak het organiseren van lezingen zowel plaatselijk als, later, na de toetreding tot de Vereniging van Juridische Faculteitsverenigingen, landelijk in de vorm van congressen.
Het moeten gelukkige jaren zijn geweest; de vereniging draaide goed en mocht zich in grote belangstelling verheugen van de studenten en hoogleraren. Dat er buiten het studentenmilieu een van de grootste economische crises allertijden aan de gang was, daarvan leek men geen besef te hebben. Toch zagen we wel aanzetten tot wat later “politieke actie” genoemd zal worden.

De naoorlogse periode
Uit de periode 1945 tot ongeveer 1950 staan als bronnenmateriaal alleen het notulenboek en de tot ons gekomen verhalen van oud-bestuursleden ter beschikking.
In die jaren probeerde men op de oude voet verder te gaan, door het organiseren van lezingen en congressen, maar was er tussen de regels door een veranderde mentaliteit te proeven. De zin om zich te organiseren was weg, men ging ook minder snel naar lezingen en was nog minder stipt in het voldoen van zijn lidmaatschapsgelden. Alleen in 1946 verscheen men nog in groten getale op de vergaderingen, daarna ging het minder goed.
Een hoogtepunt was echter het in november 1950 georganiseerde congres over Benelux-vraagstukken, waaraan ook een delegatie uit België deelnam. Desondanks was het, zoals oud-bestuurslid mr. M.J.A. van Kerkhoff het omschreef, een “bloedeloze periode”. De vele automatische leden voldeden nauwelijks hun contributieplicht en de lezingen, hoewel goed van niveau, werden slecht bezocht. Soms was dwang nodig om studenten naar een lezing te krijgen.

De jaren zestig
De jaren zestig kenmerkten zich door een explosieve groei in studentenaantallen en natuurlijk de studentenrevolutie. Het ging over het algemeen aan de JFV voorbij. De materiële en wetenschappelijke belangenbehartiging stond voorop. De JFV ging dan ook rustig door met het “aanhoren en bespreken van vertogen”.
In december 1967 verscheen het eerste nummer van het juridisch studentenblad, “Morgen Meester”. Het betekende in zoverre een doorbraak aan onze faculteit, dat de redactie de lamlendige slaperigheid in de faculteitsgelederen probeerde uit te bannen, wat in haar vierjarige bestaan aardig lukte. Mede als gevolg van dit initiatief ontstond de Socialistische Actiegroep Rechten en verscheen de JFV aan de politieke frontlijn.

De jaren zeventig
Na het ter ziele gaan van “Morgen Meester” kwam de JFV met een eigen blad, “Recht Gezet” (1975). De oprichting van dit blad luidde wederom een actieve periode van de JFV in.
Als opvolger van het “JFV-blad” was “Recht Gezet” verbonden aan de JFV. Vermeldenswaardig is dat mede dankzij de grote inzet van de redactie van “Recht Gezet” de JFV, na jaren een ondergesneeuwd bestaan te hebben geleid, weer kon uitgroeien tot een echte studentenbelangenvereniging. Het blad kreeg subsidie van het College van Bestuur.
De inhoud van “Recht Gezet” was zeer divers. Soms trok een artikel zo de aandacht, dat het door de redactie van het faculteitsblad van een zusterfaculteit werd overgenomen.
In september 1979 verscheen “Recht Gezet” voor het laatst. Het was ironisch genoeg het introductienummer van de zesde jaargang, in het bijzonder bedoeld voor de nieuwe lichting eerstejaars.
Het einde van “Recht Gezet” betekende voorlopig ook het einde van een eigen JFV-blad. Er kwam wel weer een nieuw Faculteitsblad, “Actioma”, maar dat bracht onder de auspiciën van de JFV slechts één nummer uit, in maart 1980. In het collegejaar 1980-1981 werd met dit blad wel weer een jaargang ingezet, maar niet meer als een uitgave van de JFV.”
Op 13 juni 1975 werd de stichting JFV Studie Belangen opgericht, die zich bezig ging houden met het leveren van studieboeken tegen gereduceerde prijzen. Via het koppelen van het JFV-lidmaatschap aan het betrekken van boeken bij de stichting groeide de JFV als kool.
De stichting JFV Studie Belangen werd zelfstandig onder de naam stichting Juridische Boekencentrale KUN. De koppeling tussen lidmaatschap en de aankoop van boeken verviel in 1982.

De jaren tachtig

De jaren tachtig begonnen voor de JFV net zo rustig als de jaren zeventig. Pas met het elfde lustrum van de JFV in 1982 kwam er weer wat leven in de brouwerij.
Tal van oude activiteiten werden in deze jaren weer op poten gezet, maar daarnaast werden ook nieuwe dingen opgezet zoals deelname aan de Batavierenrace, rollenspelen en een galafeest. De film “Apocalyps Now” werd meerdere malen voor uitverkochte collegezalen gedraaid en bezorgde de vernieuwde vereniging een gezonde financiële basis.
Ingezien werd dat de levensvatbaarheid van de JFV niet alleen afhing van een groep actieve mensen, maar ook van een goede organisatievorm. Derhalve werden de activiteiten van de JFV gestructureerd en neergelegd in een organisatieplan. Het plan was niet alleen bedoeld als basis voor continuïteit, maar ook om, mocht de JFV weer inslapen in de toekomst, een eventuele nieuwe groep een ‘gave’ organisatie ter beschikking te kunnen stellen. Met de achtergelaten informatie zou de groep de JFV weer gemakkelijk kunnen opstarten.
Langzamerhand naderde het XIIe lustrum. Het bestuur nam naast het lustrum nog een andere uitdaging aan. De Statuten en het Huishoudelijk Reglement waren hopeloos verouderd. Het bestuur stelde zich tot taak voor het einde van haar bestuursperiode twee nieuwe ontwerpen aan de vergadering te kunnen voorleggen. Afgezien van enkele kleine wijzigingen in het Huishoudelijk Reglement zijn beide nog steeds de juridische grondslag van de huidige JFV.
Hoewel het lustrumjaar buitengewoon positief werd afgesloten, kregen besturen nadien het steeds moeilijker. De tweefasenstructuur en de Wet Studiefinanciering deden zich voelen. De betrokkenheid van studenten werd minder en men was niet meer zo gemakkelijk voor verenigingsactiviteiten te porren.
Toch slaagden de volgende besturen erin het ledenaantal steeds te vergroten. Ook nieuwe activiteiten werden beproefd. De buitenlandse reizen van de JFV kregen op de faculteit zo’n goede naam dat sommige reizen al na één uur inschrijving volzaten. Grote successen waren ook de zogenaamde beroepenmarkten die de JFV regelmatig organiseerde. De interesse bij studenten bleek groot. De JFV wierp zich steeds meer op deze gebieden om hiermee te beantwoorden aan de veranderde interesse van studenten.

Jaren negentig
In februari 1991 werd met het oog op het XIIIe lustrum wederom een lustrumcommissie ingesteld om de nodige voorbereidingen te treffen. Bij het aantreden van het bestuur Frauenfelder op 7 oktober 1991 verkeerden de voorbereidingen al in een vergevorderd stadium.
Deze lijn is doorgezet bij de viering van het XIVe lustrum, hetgeen ook hier haar succes deed gelden.
Minder positief is het feit dat de JFV in die tijd grote verliezen leed die de liquiditeit in gevaar bracht. Daarom heeft het bestuur 1995-1996 besloten om een stichting in het leven te roepen met een eigen stichtingsbestuur. Deze achtste persoon zou niet alleen het lustrum organiseren, maar moest ook zorg dragen voor het aantrekken van sponsoren. Door de stichtingsvorm liep de JFV geen gevaar als het lustrum zou uitlopen op een financieel debacle.
Het XIVe lustrum met als thema “Nieuwe Meesters, Nieuwe Wetten” werd een groot succes.

21e eeuw
Even leek het erop dat er geen XVe lustrum zou komen, toen het bestuur 2000-2001 geen nieuw bestuur kon vinden. Maar uiteindelijk is ook dat, zij het op het laatste moment, 28 uur voor de al verzette ALV, goedgekomen.
Het XVe lustrum was er een met een breed scala aan activiteiten, van een Groot Open Rechtenfeest tot een gala en een congres.
In de zomer van 2003 verhuisde de JFV van de eerste etage van de Thomas van Aquinostraat 6 naar de begane grond van gebouw 4. De verenigingskamer en de bestuurskamer lagen nu écht aan de TvA, wat vele voordelen opleverde in verband met de bereikbaarheid voor leden en de promotie van activiteiten.
De JFV werd steeds professioneler op verschillende gebieden. De vereniging kreeg een huisstijl voor posters en dergelijke, het Bulletineke Justitia werd in kleur gedrukt en de website werd steeds functioneler.
In 2004 werd het balie-uurtje in de pauze uitgebreid tot een JFV-winkel: de ‘Rechtszaak’. Hier werden naast oefententamens ook samenvattingen verkocht, geschreven door leden van de JFV, en kon men zich inschrijven voor activiteiten. Het winkelconcept trok nieuwe leden en maakte de ‘passieve’ leden actiever.
Steeds meer studenten hebben in de afgelopen 5 jaar interesse gekregen om actief te worden binnen een van de vele JFV-commissies: waar besturen voorheen mensen moesten vragen om actief te worden, is er tegenwoordig te weinig plek in de commissies om iedereen te plaatsen.
Het aantal leden (inmiddels ruim 1800) en actieve leden binnen commissies (ruim 100) is dan ook sterk toegenomen. Daardoor is de JFV ten tijde van het XVI lustrum een bloeiende en nog steeds groeiende vereniging!

(Bron: Lustrumalmanak 2007)

© JFV Nijmegen 2018